Decentrale Selectie
Op dit moment mogen alle acht Universitair Medische Centra tot 50% van hun studenten min het aantal direct geplaatste studenten (zogenaamde 8+’ers) toelaten via Decentrale Selectie. Alleen Utrecht en Leiden maken hier geen gebruik van. Elk UMC heeft hier eigen methodes en procedures voor. Vanuit wetenschappelijk oogpunt wordt veel onderzoek gedaan naar de beste methode om studenten op een efficiënte manier te selecteren en de loting is hierin de controlegroep. Vanwege het voordeel van een dergelijke controlegroep is het LMSO niet direct voorstander van 100% Decentrale Selectie.
Decentrale Selectie geeft UMC’s de mogelijkheid om aan de hand van hun eigen speerpunten en missie daarbij passende studenten te zoeken, maar het is een relatief duur instrument, dat daarnaast ook voor marketing wordt gebruikt.
Het LMSO is van mening dat bij mogelijke 100% Decentrale Selectie ook kennis in de vorm van het Centraal Schriftelijk Examen van het VWO moet worden meegenomen, met name als eerste selectiemethode, aangezien bovengemiddeld succesvol afronden hiervan een blijk is van intelligentie, doorzettingsvermogen en motivatie gedurende enkele jaren. Als aanvulling hierop kunnen UMC’s met behulp van andere instrumenten invloed uitoefenen om de studenten te selecteren waar hun voorkeur naar uitgaat.