Vraag UMCG: Hoe worden de co-schappen in M2 beoordeeld?
Achtergrond: in Groningen wordt er over gesproken de beoordeling van de co-schappen in M2 te veranderen. Eén van de redenen daarvoor is dat docenten het binnen het huidige systeem lastig vinden co-assistenten een onvoldoende te geven. Een idee is aan drie co-schappen één eindcijfer te koppelen (het gemiddelde van de cijfers voor de drie co-schappen). Het is daarbij de bedoeling dat de co-assistent terwijl hij de drie co-schappen doorloopt progressie laat zien. Het is hierdoor ook mogelijk een (te) laag cijfer met een hoger cijfer te compenseren. ProMed staat om verschillende redenen niet positief tegenover dit idee en wij zijn benieuwd welk systeem op andere plaatsen in het land wordt gebruikt.
VUMC In de VU wordt gebruik gemaakt van een beoordelingsboekje. Alle coassistenten
worden hierdoor op verschillende punten beoordeeld en dit wordt genoteerd in
het boekje. Het eindcijfer wordt bepaald door alle onderdelen die in het boekje
vermeld worden en door de algemene indruk die de co assistent heeft gegeven.
AMC Op het AMC wordt elk coschap apart beoordeeld met cijfers van 10 tot 4 op
twee gebieden (Medisch inhoudelijk en Professioneel Gedrag). Het eindcijfer
hoeft niet het gemiddelde van Medisch inhoudelijk en Professioneel Gedrag te
zijn. Het hangt van de beoordelaar af of dat zo is, of aan welke het meeste
belang wordt gehecht. Er kunnen geen halve cijfers worden gegeven. Als een van
de twee een onvoldoende is kan je het coschap niet met een voldoende
afsluiten tenzij je een toets overmaakt/aanvullende opdracht doet of iets
dergelijks. Het gebeurt niet vaak dat er een onvoldoende wordt gegeven, maar
wel met enige regelmaat. Er zijn hierop enkele uitzonderingen (bv een
Precoschap die met onvoldoende/voldoende werkt).
LUMC Elk co-schap wordt apart beoordeeld.
EMC Bij ons wordt er ook per co-schap beoordeeld, maar speelt ook het probleem
dat opleiders liever geen onvoldoende geven, omdat men diezelfde co dan weer
terug krijgt op de afdeling. Het aantal onvoldoendes in de coschappen ligt dus
laag.
MUMC Bij ons wordt je gewoon per co schap beoordeeld op je stage plek. Dit systeem
zou voor ons ook niet werken, omdat we elk coschap ergens anders zitten dus ik
zou niet weten hoe de begleiders dan moeten weten of je progressie laat zien.
Het klopt wel dat bij ons begleiders ook bijna nooit een onvoldoende geven,
omdat ze dan verantwoording af moeten leggen aan de uni over die
onvoldoende. Dit kost veel werk en tijd en daar hebben artsen geen zin in dus
geven ze de meeste gewoon een voldoende. Verder kun je bij ons niks
compenseren. Elk co schap staat op zich en je beoordeling op je stage plek
moet voldoende zien. Cijfers worden er niet gegeven. Het is onvoldoende-
voldoende-goed-uitstekend.
UMCN In Nijmegen bestaan meerdere vormen van toetsing binnen 1 coschap. Ook hier
wordt niet snel een onvoldoende gegeven. Vormen van toetsing: Schriftelijke ]
toetsing na voorbereidend CKO (kennis, vaardigheden), beoordeling
functioneren coschap (kennis,vaardigheden,professioneel gedrag en specifieke
opdrachten), mondeling tentamen einde co-schap (klinisch redeneren en
achtergrondkennis), afsluitend CKO (voortgangsgesprek professionele
ontwikkeling, toetsing afzonderlijke inhoudselementen)
UMCG Eén van de redenen daarvoor is dat docenten het binnen het huidige systeem
lastig vinden co-assistenten een onvoldoende te geven. Een idee is aan drie co-
schappen één eindcijfer te koppelen (het gemiddelde van de cijfers voor de drie
co-schappen). Het is daarbij de bedoeling dat de co-assistent terwijl hij de drie
co-schappen doorloopt progressie laat zien. Het is hierdoor ook mogelijk een
(te) laag cijfer met een hoger cijfer te compenseren.
UMCU In Utrecht hebben we op dit moment het probleem dat er te hoge cijfers voor de
co-schappen gegeven wordt, hiervoor is echter nog geen cijfermatige
onderbouwing voor beschikbaar . Studenten krijgen voor elk co-schap een
apart cijfer. Bij enkele co-schappen telt een toets (vaak voorafgaand aan het
co-schap) mee voor het cijfer, maar dit is lang niet bij alle co-schappen.
Studenten krijgen tijdens hun co-schap KPB’s (korte praktijk beoordelingen).
Vroeger kregen studenten een cijfer voor hun KBP. Maar omdat het doel van de
KPB’s (verkrijgen van feedback) niet bereikt werd, hebben ze dit systeem dit jaar
omgegooid, waarbij de formulieren veranderd zijn en je nog enkel voldoende /
onvoldoende kan scoren. De KPB’s worden vaak bekeken door een beoordelaar
bij de beoordeling.
Om de hoge cijfers te drukken, zijn nu de co-schap beoordelingsformulieren
veranderd. Het cijfer 10 is van het formulier, de 6 en 7 worden als op
voldoende niveau aangeduid, de 8 en 9 boven voldoende niveau. Mocht een
beoordelaar een 9 willen geven, moet hij deze toelichten per mail aan de
examencommissie. Studenten vinden dit absoluut geen goede manier om de
cijfers te drukken. Volgens ons ligt het aan de beoordeling die niet altijd even
secuur gebeurd, omdat een beoordelaar de student onvoldoende gezien heeft en
niet aan het formulier.